donderdag 6 december 2012

Stilte en praten, schei toch uit!


“We hebben natuurlijk overwogen alles eruit te gooien, maar uiteindelijk is gekozen voor de kracht van de stilte van het publiek en speler.”, aldus Anton Binnenmars, directeur amateurvoetbal van de KNVB. Kracht van de stilte?
Ze lasten alle amateurwedstrijden aanstaande zaterdag af om aandacht te geven aan de afgrijselijke dood van Richard Nieuwenhuizen. Daarnaast roepen ze de clubs op zaterdag en zondag de deuren te open om te praten. Praten?
Stilte en praten? Er is iemand overleden! Hallo KNVB, OVERLEDEN! Er moet dus eerst iemand dood voordat iedereen wakker wordt en dan gaan we stilte inbouwen en praten. Werkelijk! Eerst laten ze de club van SC Buitenboys lekker bungelen en dan komen ze met stilte en praten.
In het vorige voetbalseizoen zijn er in totaal 873 gevallen genoteerd van vermoedelijk excessieve overtredingen. Dat zijn er naar mijn mening 873 teveel. Als je daarnaast ook nog de schreeuwende en vloekende ouders erbij optelt. De ongenuanceerde uitspraken en de ronduit beschamende houding van sommige trainers en spelers, die dan misschien niet onder de noemer excessief vallen, mogen er ook nog bij. Dan is mij een ding wel duidelijk: Stilte en praten helpen niet.
Wat een ongelofelijke gemiste kans van de KNVB! Ze hadden wat mij betreft alle leden en ouders van alle voetbalclubs dit weekend in de kantines bij elkaar moeten laten komen. Verplicht! Niet komen is een half seizoen geschorst. Is de kantine te klein dan werken met ploegen. De KNVB had een confronterende, schokkende presentatie kunnen voorbereiden over wat er zoal gebeurt op en rond de velden. Daarnaast nog even de waarde en normen van onze maatschappij duidelijk op een rijtje. En het zou iedereen duidelijk worden dat er iets moet veranderen.
Vervolgens gaan ouders en spelers in groepjes van tien uiteen en komen ze met elkaar tot minimaal vijf mogelijke verbeterpunten. Ze stellen vast hoe die moeten worden uitgewerkt en door wie. Alle ideeën bundelen en landelijk mensen laten samenwerken om ze ten uitvoer te brengen om de situatie zo snel mogelijk daadwerkelijk te verbeteren.
Daarnaast worden alle jeugdleden verplicht scheidsrechters cursus te volgen, zodat ze enkele wedstrijden kunnen fluiten of als grensrechter kunnen fungeren. Even om te voelen hoe dat is om zo’n centrale rol tijdens het spelletje te vervullen. Maar ook om te ervaren dat ze vreselijk dankbaar moeten zijn dat er wekelijks vele vrijwilligers in touw zijn om het voor hen mogelijk te maken om een potje te kunnen voetballen.

donderdag 8 november 2012

Multitasken is niet zo slim

Goed bezig zeg! Ze heeft inmiddels al flink wat werk verzet op haar laptop. Pling. Whatsapp-bericht: ‘Heb jij dat bericht gezien op Facebook? Nee, nog niet, ik kijk even. ‘Intussen pakt ze een kop thee en controleert even haar email op de telefoon. Meteen piept het ding in haar hand. ‘Ha, mijn tweet is geretweet. Nou, dat is goed nieuws. Meteen aan een grote groep mensen wereldkundig gemaakt dat het project loopt als een speer.’ Wat hoor ik daar? Oh ja, de iPad. Ze moet opschieten anders verliest ze met Wordfeud. Vervolgens typt ze weer driftig verder en zit tegelijkertijd bij te praten via skype met haar vriendin.
Snel in de auto om de kinderen van school te halen. Ze zit nog niet of er komt een mail binnen. Die moet natuurlijk direct beantwoord worden. Met gevaar voor eigen leven en andere weggebruikers wordt niet alleen de mail beantwoord, maar tevens de whatsapp berichten gelezen, een nieuw woord gelegd bij Wordfeud en er wordt ook nog niet handsfree gebeld. Het is inmiddels zo erg dat haar kinderen beginnen te mopperen dat de telefoon weg moet als ze auto rijdt.
’s Avonds staat ze te koken en zet de tv aan. Op de iPad staat het recept van die avond. De kinderen zeuren haar de oren van de kop en blijft de whatsapp ook niet stil. De houtenspatel in de rechterhand, roerend in de pompoensoep en de telefoon in de linker. Na het eten snel het kroost onder de douche en tussendoor wat regels typen voor een of andere column. De telefoon even weggelegd maar ze kan haar nieuwsgierigheid niet bedwingen en kijkt of er toch niet nog wat berichten binnen gekomen zijn. Gasten in bed gooien. De telefoon wordt snel in het speciaal daarvoor ontworpen hoesje gedaan, de BH. Terwijl ze slaap kindje slaap zingt, begint de telefoon weer driftig te piepen.
Goed bezig zeg! Ja, dat dacht je. Niet dus. Dat multitasken is dus helemaal niet zo geweldig als dat je dacht dat het was. Let wel! Op woendag 7 november stond de schokkende mededeling in het NRC dat je juist dommer wordt door allerlei dingen tegelijk te doen. ‘Door multitasken gaat de kwaliteit van je werk achteruit. Ook ben je minder efficiënt. Wanneer je steeds switcht tussen twee taken, kost het je hersenen tijd om te herinneren waar je eerder mee bezig was. Je moet de verleiding van nieuwssites, e-mails en sociale media kunnen weerstaan.’
Gelukkig maar dan dat bovenstaande verhaal totaal niet autobiografisch is.

donderdag 1 november 2012

Verwoestende storm op bestelling

Sandy. Voor mij was dat altijd het liefje van Danny Zuko, gespeeld door Olivia Newton-John in de film Grease. Maar sinds deze week heeft Sandy een andere betekenis gekregen. In plaats van een mierzoet meisje in evenzo zoete petticoats is het inmiddels een verwoestende superstorm die een spoor aan vernielingen heeft achtergelaten aan de oostkust van de Verenigde Staten.
Een superstorm, klinkt wel super stoer. Maar als je dan ziet wat ze aanricht in New York is dat toch minder stoer. Jammer ook dat zo’n superstorm, maar ook orkanen en andere heftige natuuruitbarstingen altijd op de verkeerde plekken hun heil zoeken. Blijft toch vervelend om te zien dat ziekenhuizen ontruimd moeten worden of dat prachtige historische gebouwen verwoest worden.
Het zou zo mooi zijn als je zo’n storm zou kunnen bestellen op plaatselijke ongeregeldheden of onwenselijke plekken of mensen. Neem nou bijvoorbeeld project x in Haren. Kon je op zo’n moment maar zeggen: “Zeg Sandy, wat zeg je ervan. Daar in Haren zijn een paar randdebielen die de boel kort en klein slaan. Is het misschien een optie om je even lekker te laten gaan en die lui een slinger mee te geven. Misschien kun je ze laten landen op een of andere zandbank in de Wadden?”
Of iemand als Geert Wilders. Ligt hij lekker in zijn bed te slapen met zijn pruik op zijn nachtkastje en dat je dan tegen Wilma, de zus van Sandy zegt, “Meid, hij ging weer zo tekeer over die kopvoddentax, leer hem vanavond eens een lesje. Blaas hem eens uit zijn bedje en zet hem op het plein van de dichtstbijzijnde stad in zijn zelfgebreide nachtstola met zijn kale kop!”
En Katrina, zij had beter een andere slachtoffers kunnen kiezen dan die prachtige tropische eilanden en New Orleans. Misschien had zij beter een paar maanden geleden over Syrië kunnen razen. Over het paleis van Assad. Dan zou ze hem en zijn leger kunnen hebben meegezogen en ergens midden in een woestijn hebben kunnen uitkotsen. Niet te veel water daarmee gepaard laten gaan en dan weer zo snel vertrekken als ze gekomen was. Dat had lekker opgeruimd.
Amsterdam-Zuid zou ook graag willen dat er een frisse wind zou waaien door de straten. In plaats van dat Holleeder en zijn ex-vrienden elkaar op een terras te lijf gaan. Zou Rita haar kwaliteiten kunnen botvieren op dit gajes. Lekker even flink de oren wassen bij die mannen. Ze dumpen in het kanaal en in een eindeloze stroming terecht laten komen waardoor ze voor eeuwig rondjes moeten zwemmen.
Maar helaas. We zullen het moeten doen met de verassingsaanvallen van deze dames en dat is misschien maar goed ook.

maandag 15 oktober 2012

Een diepgezonken getalenteerde ziel in Parijs


De stad straalt. Het is prachtig weer om te flaneren en de hoogtepunten van de stad  te bekijken. Zeer veel modieuze mensen lopen over straat. Ze bezoeken de speciale mode tentoonstellingen en zijn in de stad voor de Paris Fashion week. Onze eigen Victor en Rolf scoren hoge ogen in de lichtstad. Hun creaties oogsten veel lof van de fashionata’s.
De winkels puilen uit met de modeliefhebbers. Voor Chanel moet je in de rij. De winkel staat vol met Aziaten. Allemaal willen ze die ene tas bemachtigen. Bij La Fayette drommen de mensen rond de designer horloges. Enkele heren dralen rond de pyjama’s van Ralph Lauren. Ze kunnen niet kiezen welk ruitje ze het liefst, ’s nachts als het donker is, aan hebben.
De verkoopster geheel gehuld in zuurstok roze kleding, ongetwijfeld ook van een onbetaalbaar merk, staat haar waar aan te prijzen aan een aantal zeer Arabisch uitziende dames. Hun gevolg staat op gepaste afstand te kijken en weten dat ze zich in enkel ogenblikken weer ongans zullen zeulen. Gelukkig staat de chauffeur met de Bentley bij de ingang van het warenhuis, dus hoeven ze niet ver te lopen.
En midden in het koopgedruis, staat hij daar buiten voor een winkel in een hoekje zijn ding te doen. Zijn hondje kijkt toe. Zijn kleding is hier en daar gescheurd. Het lijkt erop dat hij moeite heeft zichzelf goed te kunnen onderhouden. Maar hij oefent een kunst uit met een flair die je ervan doet overtuigen dat hij ooit heel succesvol is geweest. Hij heeft zich vast en zeker ook mogen begeven tussen de modekoningen, de stylisten en de visagisten van de modestad.
Hij knipt het haar van voorbijgangsters met passie. En hij verstaat zijn vak. Dat zie je zo. Veel mensen blijven staan kijken omdat de energie die hij uitstraalt tot kijken dwingt. Maar ook omdat iedereen nieuwsgierig is naar het resultaat. De modellen staan erbij en ondergaan. Hij modelleert, hij knipt, hij snijdt en smijt met het haar en het resultaat mag er zijn. De dames lopen als herboren weg.
Waar is het mis gegaan met deze getalenteerde ziel? Waar is hij zijn mooie positie tussen de crème de la crème kwijtgeraakt? Heeft hij de druk niet aangekund van de mode wereld? Werd hij te oud? Heeft hij teveel van alle genotsmiddelen genoten? Het antwoord blijft gissen. Ondanks dat hij laag is gezonken en ver is gevallen heeft hij het belangrijkste wat hij bezit niet verloren. Zijn passie en zijn vaardigheden. Die zijn nu zijn redding en kan hij delen met velen en niet alleen met de happy few.

donderdag 28 juni 2012

Over de streep

Marchiano en Radjoe lopen heel vaak over de streep. Van Marchiano wordt beweerd dat hij homo is en de vijftien jarige Radjoe speelt vanaf zijn negende met het idee om zelfmoord te plegen. Beide jongens zijn veel gepest. De pijn en het verdriet is van de gezichten af te lezen. Op hun school is het Challenge Day, een oplossing voor pestgedrag en onbegrip door leerlingen te laten inzien dat ze meer met elkaar gemeen hebben dan ze denken. De centrale vraag is: wat weten we eigenlijk van elkaar. Tijdens het programma ‘Over de streep’ mogen wij meekijken hoe het proces verloopt.
Van het begin tot het eind ben ik in tranen bij het bekijken ervan. Het verdriet, maar ook de moed van de jongeren die er aan mee doen raakt mij enorm. Het raakt mij omdat ik het heel moeilijk vind om andermans verdriet te zien. Als iemand huilt, dan kun je er vergif op innemen dat ik ook mee ga zitten brullen. Maar het raakt mij ook, omdat ik weet dat als ik mee zou doen aan het programma ik ook regelmatig over de streep zou lopen.
Tijdens het kijken realiseer ik me dat ik zou willen dat niet alleen op middelbare scholen deze Challenge Day zou worden aangeboden. Ik denk namelijk dat het voor volwassen ook heel goed zou zijn om in deze vorm wat meer respect te krijgen voor de ander. Er wordt door volwassen ook zo vaak veroordeeld en geoordeeld.
Ik mocht het zelf afgelopen weekend nog ervaren. Iemand kwetste mij ter faveure van zichzelf in een vol restaurant. Hij had geen idee hoe hard zijn woorden mij raakten. Als hij even de moeite had genomen zich te verdiepen in mij, dan had hij geweten dat hij het nooit had moeten zeggen. Maar nee, te druk met zichzelf, te druk om zichzelf beter te laten voelen en te makkelijk over iemand heen walsen.
Gelukkig kan ik dat zo zien en heb ik veerkracht genoeg, maar hoeveel mensen zijn er niet die zich wel uit het veld laten slaan door woorden, door uitsluiting of door belediging?  En misschien voert het wel te ver, maar er zijn in het verleden toch miljoenen mensen vermoord, omdat ze misschien in de ogen van een ander anders waren en er dus niet mochten zijn?
Wat mij betreft mag een Challenge Day verplichte kost worden op middelbare scholen, bedrijven, sportclubs en andere gremia waar mensen veelvuldig met elkaar samen zijn. Als ik zie wat zo’n dag, op de lange termijn teweeg brengt, dan vind ik het een prachtige manier om mensen bewust te laten worden van hun gedrag en het effect dat dat heeft op anderen. En zorgt dat er misschien voor dat we wat meer respect en begrip gaan hebben voor elkaar.

woensdag 20 juni 2012

Verdraagzaamheid


‘Eens zal deze verschrikkelijke oorlog toch wel afgelopen zijn? Eens zullen wij toch weer mensen en niet alleen joden zijn?, schreef Anne Frank in haar dagboek. De quote staat in grote letters op de muur in het Anne Frankhuis. Het raakte me. Het anders zijn en niet geaccepteerd worden. De zondebok zoeken en aanwijzen. Waarom? Waarom gewoon niet een mens zien en accepteren als een mens. Met alle goede en slechte eigenschappen, met goede en foute keuzes, met kwaliteiten en tekortkomingen.

Dit jaar was er rond dodenherdenking veel ophef over een gedicht van de vijftien jarige Auke. Hij toonde lef door een gevoelig onderwerp aan te snijden. Hij schreef over zijn oudoom die in de tweede wereldoorlog koos voor deelname aan de SS. Het gedicht zou op 4 mei voorgelezen worden op de dam in Amsterdam. Veel mensen en organisaties kwamen in opstand en er werd besloten het gedicht niet voor te gelezen. Auke vertelde aan een journalist van het NRC Handelsblad “Ik wilde laten zien dat oorlog alleen verliezers kent: aan de goede én de verkeerde kant. Hoe kunnen wij leren van onze fouten als wij die fouten niet mogen benoemen?

Heel veel oudere mensen reageerden zeer emotioneel op het gedicht. Zij vonden het niet te verkroppen dat mensen die verkeerde keuzes maakten in oorlogstijd herdacht zouden worden. Maar het is altijd voor iedereen moeilijk om keuzes te maken. Laat staan in oorlogstijd en onder grote druk en spanning. Zou Anne die zo graag als mens gezien wilde worden en niet alleen maar als jood, gewild hebben dat een NSB-er of een SS-er altijd als een NSB-er of SS-er gezien zou worden?

Ik zag een documentaire over mannen die tijdens de oorlog te werk waren gesteld in Duitsland. Bij terugkeer in Nederland, na de oorlog, zijn deze mannen verkettert. Zij werden uitgemaakt voor lafaards, omdat ze voor de vijand gewerkt hadden. Nu 67 jaar na dato zag je nog steeds het verdriet in de ogen van deze inmiddels hoogbejaarde mannen. Ze hebben er nooit over durven praten wat ze is overkomen en waarom ze tijdens de oorlogstijd de keuze maakten om af te reizen naar vijandelijk gebied.

Anne en Auke zijn op hun eigen manier met de oorlog bezig geweest. Het is totaal niet met elkaar te vergelijken. Maar ze hebben een overeenkomst. Ze zijn beide zeer wijs voor hun leeftijd. Daar kunnen veel volwassen nog wat van leren. Anne schrijft in haar dagboek: ‘Ik weet wat ik wil, heb een doel, heb een mening, heb een geloof en een liefde.’ En die laatste mis ik tegenwoordig nog wel eens. Want zouden we meer met liefde kijken naar het verleden, naar het heden en naar de mensen die er leven, dan zouden we elkaar meer accepteren met al onze goede en slechte eigenschappen en niet zo oordelen en veroordelen.

woensdag 23 mei 2012

De wijsheid kwijt

‘We zijn wijsheid kwijt’, vertelt Jane Goodall in een interview aan de Telegraaf. Jane Goodall is een 79-jarige primatologe die jarenlang in Gombe Tanzania de chimpansees heeft bestudeert. Ze vertelt de verslaggever dat chimpansees op een bijzondere wijze aandacht aan hun kinderen besteden. “Terwijl mensen hun kinderen in een crèche stoppen. We zijn de verbinding met onze eigen kinderen totaal kwijtgeraakt.”

Nu ik zelf wat ouder wordt, boeien mij de uitspraken van de oudere medemens. Daar waar ik het vroeger vaak geneuzel van een bejaarde vond, raken mij de meningen van de wijzer geworden senior me nu. Misschien omdat ik nu zelf kinderen heb? Of misschien omdat ik aan den lijve hebt ondervonden dat veel wijsheden echt de kern raken.

We leven in een maatschappij die heel maakbaar is. We kunnen de lijven die we willen kopen bij de plastisch chirurg. We kunnen geld verdienen en allerlei goederen, die we eigenlijk voor onze eerste levensbehoefte niet nodig hebben, aanschaffen. We kunnen onze relaties beëindigen, omdat we tegen moeilijkheden aanlopen en we toch echt geen zin hebben in gedoe. En omdat dat allemaal te kunnen bereiken stellen we onszelf op het eerste plan en zijn we misschien minder bezig met de basis en met de behoeften van onze kinderen.

Wat betekent dat voor kinderen. In welke wereld leven zij? Wat zien zij allemaal? En als wij zo druk zijn met onszelf, onze eigen ontwikkeling, onze banen en het invullen van onze eigen behoeften? Wat betekent dat voor de aandacht die we hen schenken? Ik ben ervan overtuigt dat Jane gelijk heeft als ze zegt dat: ‘Als we een keuze maken, staan we er niet bij stil hoe deze beslissingen de generaties na ons beïnvloedt.’

Soms verlang ik er gewoon naar om zo primair te leven als een chimpansee. Weg van de heftigheid van onze samenleving. Lekker in de natuur, genietend van de warmte van je familie. Met hele duidelijke structuren van wie is de baas. Je alleen maar druk te maken om wat te eten. Lekker elkaar een beetje te vlooien. Veel tijd besteden aan je kinderen. Met de kleinste op je rug lekker slingeren van boom tot boom. En dan maar hopen dat de mensen, die de wijsheid nog niet kwijt zijn, ons lekker met rust laten en niet onze leefomgeving ook bedreigen.

dinsdag 13 maart 2012

De Reis

Een gordijn van regen aan weerszijden van de snelweg. Als in een waas rijd ik erdoor. Geen idee waar de weg naartoe gaat. Ik ken het hier niet. Moet me gruwelijk concentreren op het verkeer voor me. Mijn gedachten dwalen af. Waar ging ik ook alweer naar toe?

Ik zit alleen in de auto. Dat is lang geleden dat ik alleen in de auto zat. Ik begin de vrijheid te voelen. Kan uren zo doorrijden. Prima eigenlijk dat ik niets zie. Geen afleidingen, alleen het verkeer en mijn gedachten. Ze zijn nog wat ongestructureerd. Als een soort dartelend veulen in de wei springen ze alle kanten op.

Even word ik opgeslokt door de schoonheid van mijn bestemming. De Niagara Falls. Het regent en het is bitter koud. Het kan mij niets schelen. Door de harde regen komt het water met nog meer geweld naar beneden lijkt het. Boven bij de rivier, waar het water over de rand in de waterval stroomt, lijkt het heel vredig. Heel puur turkoois, mijn lievelingskleur. Zou er bijna in willen duiken, maar ik voel het natuurgeweld. En ondertussen word ik nat en koud tot op het bot.

In de auto kom ik even bij. Een handdoek was niet verkeerd geweest. De mascara, niet Fallsproof,  zit inmiddels ter hoogte van mijn kin. Ik zet de verwarming aan en zie ineens een bord met 'Bridge to USA' Mijn hart slaat over en tegelijkertijd ga ik 25 jaar terug in de tijd. Mijn jaar Iowa trekt aan mij voorbij. Ik ben nooit meer terug geweest. Het trok niet. Ik heb teveel van het 'echte' Amerika gezien.

Ik zet de auto in beweging en rijd langs die brug. Even bedenk ik hoe het zou zijn om nog een keer terug te gaan. Helaas mogen via die brug alleen pashouders. Rustig rijd ik door en word me weer bewust van het alleen zijn. Het maakt niet uit waar ik heen rijd. Kan het zelf beslissen. Kan overal stoppen waar ik wil stoppen. Kan een plaspauze inlassen wanneer ik dat wil. Ergens gaan kijken waar ik wil. Gaan eten en drinken waar ik wil en daar zo lang over doen als ik dat wil. Mijn zintuigen staan op scherp. Ik word niet afgeleid door allerlei verhalen en wensen van andere mensen.

Zo rijd ik eigenlijk wat doelloos rond. En dan neem ik het besluit om de grens op te gaan zoeken. Ergens moet ik toch de grens over kunnen. Heerlijk niet zo meer binnen de lijntjes maar over de grens. Letterlijk en figuurlijk. Op naar Amerika! Terwijl mij door verschillende mensen op het hart gedrukt was dat toch vooral niet te doen. "Ze doen daar zo moeilijk, daar aan de grens."  Zal vast meevallen denk ik nog in al mij naïviteit. Ik ga lekker de grens over!

Hij stelt schreeuwend een paar vragen en roept versterking. Mijn hart schiet in mijn keel. Gaat dus toch niet meevallen 'even' over de grens. Ik sta oog in oog met een zeer militairische uitziende Amerikaanse douanebeambte. Type Dolf Lundgren, die gemillimeterde, blonde, gespierde Zweed die het als Ivan Drago opnam tegen de altijd winnende Rocky Balboa. Ik ging echt terug in de tijd! 

Nog steeds schreeuwend, krijg ik het commando om mijn gevarenlichten aan te zetten en Ivan Drago’ s maatje loopt rond de auto met inmiddels mijn papieren in zijn hand. Nog steeds vreselijk naïef dacht ik dat hij even de verlichting van de auto ging controleren. Maar helaas. Ik werd gesommeerd mijn auto te parkeren en naar het kantoor te gaan.

Omgeven door mannen met tulbanden, mannen met baarden, mannen met onaangenaam ruikende oksels, mannen met donker getinte huid en andere soort mannen zit ik daar als enige blanke, blonde vrouw. Mij oksels beginnen ook te klotsen, mijn hart zit in mijn keel en ik beraad me op de te nemen stappen.

Ga ik vluchten en snel weer terug naar Canada? Onmogelijk! Rocky zelf staat voor de deur en er gaat niemand zonder toestemming naar buiten. Goed! Dan de Nederlandse ambassade maar bellen. Die halen me hier wel uit, nadat ik een paar nachten in een oranje overall in een Amerikaanse cel heb gezeten. En zo schieten de irreële gedachten door mijn hoofd. Ondanks de angst, raak ik in een euforische stemming. Ik ben op avontuur, spanning en sensatie! Ik voel aan heel mijn lijf dat ik leef en ik ben volmaakt gelukkig!

‘Monique from Holland to desk eleven!’, hoor ik door het omroepsysteem schallen en ik voel alle mannen ogen op mij gericht. Met lood in mijn schoenen loop ik naar de balie. Ik loop langs allerlei figuren die ik niet graag in het donker tegenkom. Zowel voor als achter de balies. Nog steeds niet wetend of ik hier levend uit ga komen, loop ik naar de genoemde balie. En dan zie ik tot mijn geruststelling ineens een soort Eddie Murphy staan. Hij vraagt mij ongeveer een half uur het hemd van het lijf. En dan zucht hij ineens en zegt: "Oh you smell so nice." Hij pakt zijn stempel en drukt een pracht exemplaar in mijn paspoort. Hij wuift en knipoogt naar Rocky en wenst mij een goede reis. Snel loop ik langs Rocky en stap in de auto. Ik draai de Interstate op en rijd mijn pas verworven vrijheid tegemoet.